Het onderwijs op onze school omvat een aantal zogeheten leer- en vormingsgebieden. De hieronder genoemde onderdelen worden ook wel de basisvaardigheden genoemd, omdat een goede beheersing van deze onderdelen de basis vormt voor het verdere schoolsucces van uw kind.

Basisvaardigheden

Zoals hierboven staat beschreven, staan de basisvaardigheden centraal op onze school. We besteden daarom veel aandacht aan taal, lezen (inclusief spelling) en rekenen. Deze vakken bieden wij methodisch aan. Hierbij krijgen de leerlingen instructie van de leerkracht en vindt de verwerking zelfstandig plaats. Hierbij wordt steeds meer gebruik gemaakt van ICT-mogelijkheden: zoals onze digitale schoolborden, softwarepakketten en computers in de klaslokalen.

a. Taal

Het goed beheersen van de Nederlandse taal is belangrijk. Ook in de kleutergroepen wordt hieraan veel aandacht besteed. De Peuters werken op dit moment met Piramide. Bij de kleuters wordt gewerkt met Kleuterplein 2.
Tijdens iedere periode wordt er binnen één thema gewerkt. Voorbeelden van thema’s zijn: Winter, lente, December (Kerst, Sinterklaas), Dierentuin en Vervoer. Zowel binnen Piramide als Kleuterplein staan de taal-, motorische-, reken-, sociaal-emotionele- en de creatieve ontwikkeling centraal. Een succesvolle taalontwikkeling wordt grotendeels bepaald door de omvang van de woordenschat. Vandaar dat wij daar extra aandacht aan besteden. Dit doen wij met het programma “Met woorden in de weer”. Vanaf groep 4 worden taal en spelling methodisch aangeboden door middel van de methode ‘Taal in Beeld’. Door deze eigentijdse en complete taalmethode krijgen leerlingen maximaal de mogelijkheid om zelfstandig te leren: individueel of samenwerkend. Onze taalcoördinator zorgt ervoor dat het taalbeleid zoals dat geformuleerd staat in het taalbeleidsplan wordt uitgevoerd.

b. Lezen

Voordat een kind begrijpend lezen leert, moet het de eerste beginselen van lezen beheersen. Het voorbereidend leren lezen begint al in de groepen 1 en 2. Op een ontdekkende en speelse manier leren de kinderen kennismaken met letters en woorden. In groep 3 wordt gestart met de methode ‘Veilig Leren Lezen’. Deze methode voor technisch lezen werkt met verschillende niveaugroepen. Kinderen kunnen met deze methode, al heel snel, zelfstandig leren werken. De methode is volledig aangepast aan de eisen van het moderne (lees)onderwijs. Er horen tal van verschillende materialen en software bij de methode. Deze materialen zijn voor de kinderen aantrekkelijk en uitdagend om mee te werken. Vanaf groep 4 werken wij met de technisch leesmethode 'Estafette' en staat Begrijpend Lezen op het rooster. Wij gebruiken hiervoor ‘Nieuwsbegrip XL’. Dit is een interactieve en aansprekende manier voor begrijpend lezen. De kinderen krijgen wekelijks actuele teksten en opdrachten aan de hand van het nieuws. Bovendien wordt met Nieuwsbegrip structureel aandacht besteed aan lees- en woordenschatstrategieën.

c. Rekenen en wiskunde

In de groepen 1 en 2 leert uw kind omgaan met hoeveelheden en met allerlei begrippen die met aantallen hebben te maken: veel/weinig, meer/minder, etc.
De methode die wij in groep 3 tot en met 8 voor rekenen gebruiken heet ‘Wereld in Getallen’. Natuurlijk leren de kinderen vaardigheden als optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen. Maar er is ook veel aandacht voor het oplossen van rekenproblemen. Daarbij gaat het rekenen uit van dagelijkse situaties die in de werkelijkheid voorkomen.
‘Wereld in Getallen’ biedt ook de mogelijkheid om kinderen met rekenproblemen op hun eigen niveau te laten werken.

Schakelklas

In ons taalbeleidsplan staan richtlijnen voor het taalonderwijs op Kindcentrum Catharina. In onze school is woordenschatonderwijs een speerpunt. De kinderen die les krijgen in de schakelklas hebben meer taalonderwijs nodig. De schakelklas bestaat uit een geselecteerd groepje kinderen dat in één jaar extra taalonderwijs aangeboden krijgt om in een redelijk korte periode de taalachterstand in te lopen.
De taalinterventies die in de schakelklas plaatsvinden, worden vooraf met ouders besproken en sluiten aan bij het aanbod in de groepen 3, 4, 5 en 6. Bovendien zijn er verdiepings- en verrijkingsactiviteiten. Op het gebied van woordenschatontwikkeling krijgen de kinderen extra woordclusters aangeboden. Dit gebeurt op dezelfde wijze als in de reguliere groep, namelijk volgens de methodiek van Met Woorden in de Weer.
In de groepen 5 en 6 vormt begrijpend lezen een steeds belangrijker onderdeel van het onderwijs.

Schrijven

De kinderen ontwikkelen op de basisschool hun eigen handschrift. Wij leren uw kind een goed leesbaar en vlot lopend handschrift te ontwikkelen. Om hen daarbij te ondersteunen gebruiken wij de methode ‘Pennenstreken’. Het ontwikkelen van de voor schrijven noodzakelijke fijne motoriek begint in de kleutergroepen. In de groepen 1 en 2 maakt uw kind kennis met het hanteren van het potlood en het ontwikkelen van schrijfpatronen: van groot naar klein. In groep 3 leren de kinderen de eerste schrijfletters. Ook bij andere vakken wordt uiteraard aandacht besteed aan een verzorgd handschrift van de kinderen.

Wereldoriëntatie

Onze methode voor wereldoriëntatie is Blink Wereld – geïntegreerd. Deze methode biedt een pakket van vijf thema's per jaar. Er zijn thema’s voor groep 5/6 en thema’s voor groep 7/8. In de thema's komen de belangrijkste aspecten van de wereld aan bod. De thema's bestaan uit twaalf tot twintig lessen. Binnen de thema’s werken we met onderzoekskaarten, productkaarten en vaardighedenkaarten die worden ingezet om het onderzoekproces te begeleiden. Hierop staan tips over bijvoorbeeld het stellen van een goede onderzoeksvraag, het maken van een powerpointpresentatie maar ook hoe je goed kan samenwerken.
De geïntegreerde thema’s sluiten aan bij hoe kinderen naar de wereld kijken en zorgen er tegelijkertijd voor dat de belangrijkste aspecten van de wereld aan bod komen. Denk aan onderwerpen als klimaatverandering, verschillende culturen of de verdeling van eten. Binnen een thema werken de kinderen aan een eindopdracht, zoals het bedenken van een restaurant waarin je gerechten uit de hele wereld tegenkomt. Je kunt deze opdrachten klein of groot uitvoeren. Bijvoorbeeld door het restaurant alleen op papier te bedenken, of door het restaurant ook daadwerkelijk op te zetten. Het ene thema heeft meer aspecten van aardrijkskunde en geschiedenis in zich, het andere thema is bijvoorbeeld meer natuur en aardrijkskunde. Alle thema’s samen dekken alle kerndoelen van wereldoriëntatie, inclusief burgerschap.
De thema’s starten steeds met een introductie van het thema, waarin de doelen en het gezamenlijke eindproduct aan bod komen. De intro bevat ook een aantal ‘triggers’ om de kinderen nieuwsgierig te maken en te bekijken wat ze aan voorkennis hebben. Vervolgens krijgen ze eerst een basis aan inhoud en vaardigheden geboden door middel van de geleide onderzoekslessen die gezamenlijk met de hele klas gedaan worden. Daarna volgt de Test jezelf (wat weet ik nu al? wat vind ik interessant?) en gaan de leerlingen zelf aan de slag met hun eigen onderzoeksvraag. Ze doen onderzoek, ze maken een eigen product en ze werken samen toe naar de eindpresentatie. Elk thema eindigt met een evaluatie.

Creatieve ontwikkeling

Wij vinden het belangrijk om aandacht te geven aan het ontwikkelen van de creatieve kanten van uw kind. Tijdens de expressievakken leren wij uw kind om zich te uiten. Dit wordt ook wel ‘Beeldende Vorming’ (bevo) genoemd.

De expressievakken zijn onder te verdelen in de volgende disciplines:

  • Handvaardigheid;
  • Tekenen;
  • Muziek;
  • Drama.

Bij ‘handvaardigheid’ leren de kinderen om met verschillende materialen diverse opdrachten uit te voeren. Bijvoorbeeld met papier, karton, hout, wol, klei, textiel, enz. Hiervoor worden verschillende technieken aangeboden.
Verschillende materialen en technieken komen ook aan de orde bij het vak ‘tekenen’. Door met potlood, verf, (vet)krijt en houtskool te werken op diverse ondergronden
kunnen de kinderen hun eigen creativiteit verder ontwikkelen. Wij geven de kinderen ook de vrijheid om er echt eigen werk van te maken.

Bovenstaande vakken worden verzorgd door een vakdocent beeldende vorming.

‘Muziek’ speelt op school ook een rol. De kinderen krijgen liedjes aangeleerd, variërend van klassieke kinderliedjes tot moderne popmuziek. We bieden i.s.m. de Muziekschool Amsterdam en het Concertgebouw muziekprojecten aan. Tijdens verschillende uitvoeringen gedurende het schooljaar worden de resultaten daarvan ten gehore gebracht.

Ook aan de ‘dramatische vorming’ wordt aandacht besteed. Kinderen leren hoe ze zichzelf kunnen uitdrukken en hoe ze met hun gevoelens om kunnen gaan. Dit speelt bij alle vakken (zeker niet alleen bij de creatieve) een rol. Bijvoorbeeld tijdens het kerstfeest, het eindfeest en de afscheidsmusical van groep 8 zijn de resultaten van dramalessen op het podium te zien.

Sociale ontwikkeling

Wij werken met de methode Leefstijl. Dit is een methode voor de sociaal-emotionele ontwikkeling. Wij leren kinderen respectvol, verantwoordelijk en veilig met elkaar om te gaan.
Op Kindcentrum Catharina besteden wij veel aandacht aan sociale vaardigheden. Wij zien sociaal vaardig gedrag als de basis voor welbevinden en goede leerresultaten.

Wat verstaan wij onder sociale vaardigheden?
In omgang met andere kinderen en volwassenen gebeurt er veel. “Om goed met elkaar om te kunnen gaan is het belangrijk dat ik eerst mijzelf begrijp en goede vrienden met mijzelf word. Vind ik het lastig om in de klas aan kinderen te vragen of ik mee mag doen met een samenwerkopdracht? Wat gebeurt er als ik heel boos word? Hoe voel ik mij als de juf geen tijd voor mij heeft omdat ze andere kinderen even moet helpen? Geef ik andere kinderen genoeg ruimte bij een groepsgesprek of neem ik zelf wel genoeg ruimte in? Als ik meer begrijp over mijzelf kom ik er ook achter wat goed voelt en wat ik vervelend vind. Dan kan ik gaan oefenen om bijvoorbeeld duidelijker te zeggen wat ik wil of beter te luisteren naar anderen. In het kort; ik word steeds beter in het begrijpen van mijzelf en in het omgaan met anderen. Ik merk dat ik meer zelfvertrouwen krijg. Ik durf fouten te maken en ik ben trots op wat ik kan!”

ICT

Wij vinden het gebruik van de computer een uiterst belangrijke basisvaardigheid. Al vanaf groep 1/2 laten we leerlingen op een zelfstandige manier kennis maken met de meest gangbare computertoepassingen, zoals tekstverwerken, tekenen, presentaties maken (PowerPoint), internet en e-mail.
De vaardigheden die de kinderen leren kunnen zij natuurlijk direct toepassen binnen de overige vakgebieden, want ook daar is de computer een veel gebruikt onderwijsleermiddel. Voor bijna alle vakken gebruikt de school educatieve software. Bovendien gebruiken wij de computer om speciale onderwijsprogramma’s uit te voeren en ons digitale leerlingvolgsysteem bij te houden.
Er is een protocol voor het veilig gebruiken van de computer. Hierin staan zowel voor leerkrachten als leerlingen de spelregels voor het gebruik van computers, educatieve softwareprogramma’s en internet en e-mail. In alle groepen wordt gebruik gemaakt van digitale schoolborden.

Bewegingsonderwijs

Tijdens de lessen bewegingsonderwijs stimuleren wij de lichamelijke ontwikkeling van de leerlingen. In groep 1/2 krijgt uw kind twee keer per week gymles van de vakleerkracht. Uw kind krijgt in groep 3 t/m 8 twee keer per week gymles van onze vakleerkracht. De gymlessen worden gegeven in de gymzaal van ons eigen gebouw.


Engels

In groep 1/2 wordt in de methode Kleuterplein per thema 1 keer een Engelse les aangeboden.
Vanaf groep 7 krijgen de kinderen wekelijks les in de Engelse taal. Hiervoor gebruiken we de methode “Groove Me”. Deze methode behandelt in elk hoofdstuk een nieuw onderwerp uit het dagelijks leven. Door middel van luister-, spreek- en schrijfoefeningen leren de kinderen de basis van deze belangrijke vreemde taal. Deze basiskennis vinden wij belangrijk, ook voor de doorstroming naar het voortgezet onderwijs.

Verkeer

Voor verkeer maken we gebruik van de methode ‘Tussen school en thuis’. De methode wordt al gebruikt vanaf groep 3. De kinderen kunnen zelfstandig met deze methode aan het werk.
Kennis van de verkeersregels en inzicht in de gevaren en risico’s van het verkeer vinden wij voor onze kinderen erg belangrijk. Vanaf dit schooljaar doet onze school mee aan het verkeerseducatie-programma ‘Tussen school en thuis’. Dit programma is voor de groepen 5 t/m 8 en maakt gebruik van online lesmateriaal dat uitgaat van de verkeerssituatie rondom onze eigen school. Zo krijgen onze leerlingen meer inzicht in het leren omgaan met alledaagse gevaarlijke situaties. Bovendien worden de leerlingen op een uitstekende manier voorbereid op het theoretisch- en praktisch verkeersexamen.

Huiswerk

Wat willen we met huiswerk bereiken? 

  • Huiswerk om een opdracht uit te werken, die in de klas aangeboden is;
  • Huiswerk om iets uit te zoeken als start voor een nieuw onderwerp;
  • Huiswerk is uitdagend en kinderen zien het nut ervan in;
  • Huiswerk maken om te automatiseren;
  • Informatie inwinnen voor een onderwerp;
  • Kinderen zelf de verantwoordelijkheid geven om huiswerk te maken.

We geven huiswerk van de volgende vakken: woordenschat, spelling, Nieuwsbegrip om te consolideren. Zaakvakken, om iets af te maken. Rekenen om te automatiseren.

Denklab, Doelab en Talententent

Zoals in onze visie staat beschreven is niet iedereen hetzelfde en zijn er mensen met andere ideeën. Op grond daarvan willen wij kinderen en elkaar meegeven dat in de maatschappij met veel verschillende mensen moet kunnen worden samengewerkt, en geleefd. Ons Kindcentrum is een gemeenschap waar iedereen (kinderen en leraren) op een natuurlijke wijze samenleven, leren en werken. De verschillende talenten, voorkeuren, datgene waar je affiniteit mee hebt of juist graag in wil excelleren, passen we toe in onze transitie naar zelfsturende teams (de expertteams) en komt tot uiting in ons Denklab, Doelab en Talententent. In het Denklab staat het hogere orde denken centraal, cocreatie, filosofie, debatteren et cetera. In ons Doelab staat koken centraal, maar ook tuinieren, reparaties uitvoeren et cetera. In onze Talententent staan dans, drama, techniek, knutselen centraal. Onze transitie naar expertteams wordt elders beschreven. We leren vanuit het principe leerling-gezel-meester. Soms ben je ergens heel goed in en ben je de meester en leer je de anderen, soms ga je gelijk op en soms ben je de leerling om ergens beter in te worden.